Beleidsbrief dienstbaarheidsverbod

In 2017 heeft het Commissariaat voor de Media zijn beleidsbrief over het dienstbaarheidsverbod geconsulteerd. In de beleidsbrief brengen we samen hoe het dienstbaarheidsverbod in de wetsgeschiedenis, de jurisprudentie, en de beschikkingenpraktijk van het Commissariaat voor de Media is uitgelegd. Ook wordt verduidelijkt hoe in verschillende situaties aan de zorgplicht invulling kan worden gegeven. Dit om aan te geven wat de NPO, de RPO en de publieke media-instellingen kunnen doen of nalaten om overtreding van het dienstbaarheidsverbod te voorkomen. Zo helpen we de publieke media-instellingen op dit punt hun (eigen) verantwoordelijkheid te nemen en hun ‘huis op orde’ te brengen, het uitgangspunt van een van de toezichtthema’s voor 2017.

Dienstbaarheidsverbod

Het dienstbaarheidsverbod vormt een belangrijke waarborg voor de non-commercialiteit van het publieke omroepbestel. De met publiek geld gefinancierde publieke media-instellingen mogen niet dienstbaar zijn aan het behalen van winst of ander concurrentievoordeel door derden. Zij hebben een zorgplicht om te voorkomen dat het dienstbaarheidsverbod wordt overtreden. Dit is ook belangrijk vanwege de eisen die het Europese staatsteunrecht stelt aan de financiering van de publieke media-instellingen. Mede doordat de publieke media-instellingen niet dienstbaar zijn aan de commerciële belangen van derden, is financiering uit publieke middelen gerechtvaardigd.

Mediasector betrokken

Bij het opstellen van de beleidsbrief hebben we partijen uit de mediasector betrokken. In september 2017 is tijdens rondetafelsessies zowel met publieke als commerciële media-instellingen gesproken over het dienstbaarheidsverbod. De input uit die sessies is meegenomen in de concept beleidsbrief. Eind oktober is die brief ter consultatie op de website van het Commissariaat voor de Media gepubliceerd. De reacties die zijn ontvangen, worden meegenomen in de definitieve versie van de beleidsbrief.

Tags bij deze pagina