Meerjarenbegroting, prestatieovereenkomst en concessiebeleidsplan NPO

Het Commissariaat adviseert de staatssecretaris van OCW met regelmaat over het beleid en de verantwoording van de NPO. In deze adviezen stelt het Commissariaat als onafhankelijk toezichthouder de kernwaarden onafhankelijkheid, pluriformiteit en toegankelijkheid centraal. De advisering stond in 2015 vooral in het teken van de voorgenomen wijziging van de Mediawet en de plannen van de NPO om hier in de periode 2016-2020 invulling aan geven.

De planningscyclus van de NPO ziet er in grote lijnen als volgt uit:

  • Eén keer per vijf jaar schrijft de NPO een Concessiebeleidsplan. In dit plan beschrijft de NPO voor de bewindspersoon van OCW zijn ambities en doelen voor de komende periode. Op basis van het Concessiebeleidsplan wordt met het Ministerie van OCW voor vijf jaar een prestatieovereenkomst gesloten.
  • Vervolgens vraagt de NPO elk jaar op basis van het Concessiebeleidsplan budget aan via de zogenoemde Meerjarenbegroting. Deze begroting bevat de belangrijkste doelen die in het komende jaar een speciale of nieuwe inspanning vereisen.

Het Commissariaat adviseerde in 2015 over:

  • het Concessiebeleidsplan van de NPO;
  • de Meerjarenbegroting van de NPO;
  • de naleving van de prestatieovereenkomst door de NPO.

 

Concessiebeleidsplan NPO 2016-2020

Het Commissariaat was in grote lijnen positief over het Concessiebeleidsplan. Vanwege het ontbreken van heldere criteria en processen plaatste het Commissariaat wel vraagtekens bij de uitvoerbaarheid van de geformuleerde strategische keuzes. Dit betrof onder meer de manier waarop de NPO controleert of publiek geld doelmatig wordt besteed, de manier waarop externe producenten toegang krijgen tot het bestel en de beoordeling van de vraag of de programmering voldoet aan de publieke mediaopdracht.

Onafhankelijke beoordeling en controle van de criteria en processen is daarbij cruciaal. Het Commissariaat adviseerde dat er, in lijn met de beoogde nieuwe Mediawet, een set met criteria moet komen op basis waarvan objectief kan worden vastgesteld of de programmering past binnen de publieke media-opdracht.

Het Concessiebeleidsplan bevatte naast beleidsmatige keuzes ook een aanvraag voor een aantal nieuwe kanalen op de radio en online: NPO3.nl, NPO FunX Turkpop en NPO Nieuws & evenementen. Het Commissariaat vindt dat deze kanalen binnen de publieke mediaopdracht passen, maar dat de NPO wel beter moet onderbouwen wat de behoefte van het publiek is en hoe deze kanalen gefinancierd worden.

Ook NPO Plus past volgens het Commissariaat binnen de publieke mediaopdracht. Bij deze betaalde en meer uitgebreide versie van NPO Gemist behoeft vooral het effect van het abonnementsgeld op de toegankelijkheid extra aandacht. De voorgestelde beëindiging van de concessie van onder andere NPO Humor TV, NPO Doc, NPO Radio 6 en diverse thematische portals en webkanalen past volgens het Commissariaat binnen de integrale distributiestrategie en het snel veranderende kijk- en luistergedrag.

Naast het Commissariaat heeft ook de Raad voor Cultuur een advies uitgebracht over het Concessiebeleidsplan en de gewijzigde aanbodkanalen. De staatssecretaris van OCW heeft de concessie verleend, onder de voorwaarde dat de NPO eind december een aantal zaken nader zou hebben toegelicht. Deze datum is later verplaatst omdat de relevante wetswijziging nog niet door de Eerste Kamer was aangenomen.

Verscherpt toezicht

Wanneer het daartoe zelf aanleiding ziet of op verzoek van de minister van OCW kan het Commissariaat overgaan tot verscherpt toezicht op omroepen. Over dit verscherpt toezicht rapporteert het Commissariaat aan de minister.

Bij de erkenningverlening voor de concessieperiode 2010-2015 heeft de toenmalige minister van OCW het Commissariaat verzocht om verscherpt toezicht te houden op drie omroepen, te weten de TROS (inmiddels gefuseerd tot AVROTROS), WNL en PowNed. Het Commissariaat is gevraagd de mate waarin de omroepen zich in deze concessieperiode aan de Mediawet 2008 houden, kritisch te volgen en daarover periodiek verslag uit te brengen.

Het verscherpt toezicht heeft plaatsgevonden in de periode 2010-2015. Het Commissariaat heeft zijn tussentijdse bevindingen meegenomen in zijn beoordeling van de erkenningsaanvragen van de drie betreffende omroepen voor de nieuwe concessieperiode 2016-2020. AVROTROS-, WNL en PowNed hebben alle drie een erkenning gekregen voor de periode 2016-2020.

Meerjarenbegroting NPO 2016-2020

Zoals aangekondigd in de Handhavingsbrief 2015 heeft het Commissariaat in het advies over de Meerjarenbegroting (MJB) van de NPO speciale focus gelegd op de transparantie die de NPO zou bieden over de diverse gehanteerde kostensoorten. Het Commissariaat heeft in 2014 aanbevolen de kosten van de NPO voortaan expliciet uit te splitsen naar kostensoorten. Deze aanbeveling is echter niet opgevolgd in de Meerjarenbegroting 2016-2020.

De NPO heeft het Commissariaat verzekerd dat dit in de eerstvolgende meerjarenbegroting wel gebeurt. Het Commissariaat zal dit kritisch volgen en in 2016 de gemaakte voortgang beoordelen. Het advies is aan de staatssecretaris gestuurd. Die heeft het betrokken in de mediabegrotingsbrief. Daarin schrijft hij dat hij onze aanbeveling ondersteunt.

Het Commissariaat heeft verder geconstateerd dat de Meerjarenbegroting, die snel volgde op het Concessiebeleidsplan, nog niet alle ambities uit het Concessiebeleidsplan en de aangekondigde wijzigingen van de Mediawet bevatte en het belang aangegeven van adressering van deze aandachtspunten.

Advies naleving prestatieovereenkomst NPO

Jaarlijks rapporteert het Commissariaat over naleving van de prestatieovereenkomst door de NPO. In 2015 heeft het Commissariaat de gegevens beoordeeld die de NPO heeft gerapporteerd over het jaar 2014. Daarbij bleek dat de NPO er niet in is geslaagd de man/vrouw verhouding op tv te verbeteren. Ook de bereiksdoelstellingen – met name het bereiken van jongeren – bleven een belangrijk aandachtspunt.

Eén van de afspraken uit 2010 luidde ‘meer vrouwen op tv’. Maar het werden er juist minder. Het percentage vrouwen op NPO 1, 2 en 3 daalde de afgelopen vijf jaar van 37,6 naar 35,4 procent. De overige afspraken uit de prestatieovereenkomst werden wel gerealiseerd.